De bloeiende heide van Solleveld

Sluit je ogen en stel je voor.
De zon die schijnt, heerlijke warmte maar een lekker briesje, de geur van bloeiende heide en rust.
Geen stilte, want duizenden bijen en andere insecten maken een constant zoemend geluid.
Is dat waanzinnig dan?
De bloeiende heide van Solleveld.

Gisteren wilde ik dolgraag de bloeiende heide bekijken, voordat ik (weer) te laat zou zijn.
Ik hoopte een paar dingen te mogen vinden.
Dat is niet helemaal gelukt, maar ik ben dolblij weggegaan.
Het begon al aan het begin. Het was zo stil, dat ik al sloom begon in het hyacintenbos.
Onder een struik zag ik wat bewegen. Ik besloot stil te blijven staan en te wachten. Mijn ogen hadden me niet bedrogen: een muisje!
Het bleek een rosse woelmuis te zijn: wat leuk!

Op alle mogelijke manieren had ik geprobeerd een ticket te kopen om Solleveld in te mogen.
Diverse browsers, mijn pc én de telefoon geprobeerd, maar met geen mogelijkheid kon ik een kaartje -ook niet voor een paar dagen later- bemachtigen.
Het bleek logisch. Wegens werkzaamheden aan de waterpunten zijn de tickets nu gratis, al moet je er wel een reserveren. Je mag ook alleen nog maar de Haagse heide bewonderen, geen rondje lopen. Maar wie wil de Haagse heide niet bloeiend zien?
Het reserveren gaat nog even onhandig, maar niet als je deze link volgt.
Naast de bloeiende hei wilde ik dolgraag weer de graafwesp zien. Nu, dat is meer dan gelukt!
Gravend, maar ook genietend van de bloemen.
Wat een pracht die kleurencombinatie.

Even stond ik verbaasd: wat was dát nu aan een takje?
Even later, toen een bij langskwam die het niet redde werd het me duidelijk: een bijenwolf.
Een wesp die bijen vangt: hij heeft ze daar nu echt voor het grijpen.

Jaren geleden zag ik een parelmoervlinder. Daarna nooit meer.
Eigenlijk had ik de hoop een beetje opgegeven deze weer te zien.
Maar maandag zag ik hem ineens zitten. Wat een beauty!

De wespspin helaas weer niet!
Een paar jaar terug had ik een cocon gezien, maar de spin daar nog nooit. Elk jaar zoek ik weer, als ik Solleveld in durf, maar deze prachtige spin vind ik niet (en ik ga niet buiten de paden).
Ik zeg inderdaad durf. Ik ben namelijk panisch voor dazen. En die zijn er. Ik heb een spray aangeschaft tegen steekvliegen en wie weet werkt hij. Maar daar heb ik hem nog niet uitgeprobeerd. Als hij werkt zal ik het laten weten.
Op de foto hierboven een andere rover, maar dan voor insecten. De bastaardzandloper. In een holletje: heel vreemd vind ik. Nog nooit zag ik ze zo, altijd alleen maar rondlopend. Ik weet wel dat de larven in een holletje zitten waar ze wacchten tot bijvoorbeeld een mier langsloopt. Die pakken ze dan vliegensvlug. Maar een volwassen exemplaar?

De rode bosmieren waren hard bezig.
Vergis ik me, of zijn er minder? Of zijn ze verplaatst? Het viel me op dat op het pad naar de Haagse Heide er heel weinig liepen.
Deze waren in elk geval hard bezig een bij in stukken naar hun nest te brengen.

Het laatste dier heeft wel een heel rare naam.
Althans, ik moest direct aan “het langste woord” denken dat we als kind konden verzinnen: hij heet namelijk een Hottentottenvilla (dus geen hottentottententententoonstelling).
Dit was ook mijn “afscheid” van Solleveld, waarna ik mijn camera op de grond liet vallen…..
(Gelukkig kon mijn man de lens maken, maar knap dom en balen).