Welkom festivals, definitief exit Parkpop

Al wist ik het al, ook de Gemeente schrijft Parkpop af.
Eerder was het klaar, dat het een festival was dat té onzeker was in het voorbestaan.
Toch werd de haalbaarheid onderzocht door Stichting Musicon (i.s.m. Popradar, PAARD, PIP Den Haag, Popdistrict en Aight).
Daan van der Bruggen vertelde mij, dat de financiele risico’s echter veel te groot waren.
Het is begrijpelijk. De kosten zijn zo gigantisch, niet alleen ten aanzien van elektriciteit, podia, werknemers, maar ook voor wat betreft beveiliging.

Toch ben ik heel blij, dat tenminste er onderzoek naar is verricht.
Want wat heb ik altijd genoten van dit evenement.
Mijn kinderen wisten dat het laatste weekend van juni van mij was. Het was “mijn feest”, zo voelde ik dat.
Kijk hier naar mijn herinneringen. Ik ben Guus Dutrieux erg dankbaar voor al die mooie momenten.
Maar er zijn meer gave festivals in Den Haag. Neem Sniester, LILF, het Haags Beat Festival en “mijn verjaardagscadeautje” Kaderock!

Als ik eerlijk ben, lijkt Kaderock wel een beetje op Parkpop zoals ik het me herinner van vroeger.
Voor elk wat wils en één grote band (per dag) als afsluiting.
Dat de Gemeente Den haag heeft besloten tot versterking van de bestaande ontwikkelingsmogelijkheden voor Haags talent als de beste optie om de functie van Parkpop voort te zetten lijkt mij meer dan logisch.
Hieronder het persbericht:
Voorkeursrichting: investeren in talentontwikkeling
Parkpop was jarenlang een belangrijk podium en een springplank voor Haagse artiesten. De kostenstijgingen en (verwachte) inflatie maken een grootschalig, gratis of bijna gratis festival echter niet haalbaar. Om de belangrijke functie van Parkpop te behouden, hebben de Haagse popsector en de gemeente hun voorkeur uitgesproken om in te zetten op het versterken van bestaande Haagse festivals, zoals Bevrijdingsfestival, The Life I Live, Kaderock en Sniester. Deze aanpak sluit aan bij de bestaande infrastructuur en biedt op korte termijn de meeste kansen om ontwikkelingsmogelijkheden voor lokaal talent uit te breiden.
Om dit mogelijk te maken is de Haagse popsector voornemens om een Stimuleringsfonds Talentontwikkeling Haagse Popcultuur op te richten. Dit fonds moet niet alleen extra optredens mogelijk maken, maar ook zorgen voor inhoudelijke begeleiding, scouting en programmatische afstemming. De opzet en financiering van dit fonds moeten nog verder uitgewerkt worden, Popradar is hiervoor de logische coördinerende partij.

Musicondirecteur Daan van der Bruggen: “Den Haag is de aanvoerder van de eredivisie als het om popmuziek gaat. Veel van de bekendste Nederlandse bands komen hier vandaan, daar kunnen we echt trots op zijn. We hebben een ijzersterk samenwerkingsverband van organisaties die zich volledig wijden aan de voortdurende ontwikkeling van talent. Parkpop was jarenlang een belangrijke schakel in die keten; het festival zette Den Haag op de kaart en voelde voor iedereen onmisbaar. Wij vinden het dan ook heel jammer dat het niet haalbaar is gebleken om Parkpop terug te brengen. Tegelijkertijd zijn we blij dat de functie die Parkpop had voor de Haagse popbands behouden blijft door het versterken van bestaande festivals. Zo blijft Den Haag popstad nummer één van Nederland.”
Den Haag is en blijft dé popstad
“Parkpop heeft Den Haag veertig jaar lang op de kaart gezet als popstad. We wisten dat een doorstart van Parkpop zoals we dat kenden er helaas niet in zit; ik ben blij met het uitgevoerde onderzoek en het enthousiasme bij partijen om er tegenaan te gaan. Popmuziek zit in het DNA van Den Haag en we zetten ons vol in om de rol die Parkpop had als aanjager van Haagse talentontwikkeling stevig voort te zetten,” aldus wethouder Saskia Bruines (Cultuur en Economische ontwikkeling). “Dit onderzoek helpt ons om vooruit te kijken: hoe versterken we onze positie als popstad en blijven we Haagse talenten kansen bieden? Het versterken van bestaande festivals is daarbij een realistische en kansrijke stap.”
Naast het voorkeurscenario zijn drie andere opties onderzocht. Een nieuw grootschalig popfestival met marktconforme toegangsprijzen is alleen haalbaar als een landelijke organisator het initiatief neemt en het financiële risico draagt. Het tweede scenario, het Haags Veld als zelfstandig festival, zou wel een podium voor lokaal talent bieden, maar mist waarschijnlijk impact en publieksbereik. Tenslotte is gekeken naar een breed cultureel stadsfestival dat de diversiteit van de Haagse popcultuur weerspiegelt. Dit zou complex zijn om te organiseren, maar sluit wel goed aan bij de ambities richting een mogelijke kandidatuur voor Culturele Hoofdstad van Europa in 2033.